zonder stilte geen muziek, zonder muziek geen stilte

Met stilte is iets vreemds aan de hand. Stilte lijkt wel een op zichzelf staand iets te zijn, maar stilte bestaat eigenlijk alleen bij de afwezigheid van iets. Van geluid, beweging, vertier, drukte, rumoer en ga zomaar door. Als je nooit geluid of beweging hebt ervaren, kan je de stilte ook niet waarnemen. Evenzo geldt dit voor geluid of beweging. Zonder stilte of stilstand bestaan ook zij niet.

Doordat stilte pas bestaat bij haar tegendeel, bestaan er ook allerlei verschillende vormen van stilte. Zo kan het plotseling stil vallen, is er een stilte voor de storm of is iemand wat stilletjes. Alles hangt eigenlijk af van de context en van hetgeen zich om de stilte heen bevindt.

Zelf houd ik erg van de stilte in de vroege ochtend, zo vlak voor het ontwaken, als ik mijn ogen voor de eerste keer heb opengedaan maar ze nog even sluit, nog even niet, nog even alles in ruststand. Zo dadelijk begint de dag, maar nu is er nog de warmte van het bed, een stil huis. Misschien is die ochtendstilte zo intens, juist omdat je weet dat dadelijk alles in beweging komt. Het contrast maakt de stilte dieper, intenser.

Componisten kennen het contrast van stilte en geluid als geen ander. Zij componeren niet alleen met noten, klanken en geluiden maar juist ook met de stilte. Waar komt de rust te staan? Waar de snelle noten en waar juist de lange noten uit laten klinken? Zou er geen ruimte tussen de klanken zitten dan zou muziek heel anders klinken, het zou waarschijnlijk een soort van monotoon gebrom worden. De stilte geeft ruimte aan de muziek. Of anders gezegd: in de stilte vindt de muziek haar ruimte.

Niet alleen de muziek, maar ook de mens vindt in stilte zijn ruimte. Zo liet bijvoorbeeld de schrijver Proust een kamer met dikke lagen kurk beplakken zodat geen enkel geluid van buiten naar binnen kon dringen. Hij meende dat hij zo zijn eigen gedachtegang pas werkelijk kon horen en volgen. Hij schreef er zijn hele oeuvre.

Proust sloeg misschien een beetje door maar ergens schuilt er in zijn dichtgetimmerde kamer met kurken wel een mooi beeld. De mens moet zich van de buitenwereld afsluiten om te kunnen luisteren naar hetgeen zich in het diepst van hemzelf kenbaar wil maken, wil laten klinken.

Zelf ervaar keer op keer weer, hoe rijk de stilte is. Doe ik te veel achter elkaar, laat ik me verleiden om van de ene activiteit naar de andere te hollen of voeg ik mij naar wat de buitenwereld van mij verlangt, dan lijkt het alsof mijn eigen klank wordt overspoeld, alsof er geen ruimte meer is voor de muziek die ik zelf ben.  Ik koester de stilte dan ook als iets kostbaars.

En het prettige van stilte is, is dat het ieder moment beschikbaar is. Je hoeft niet net als Proust je kamer te beplakken met kurk, je kan ook minder drastisch te werk gaan. Door bijvoorbeeld even stil te staan in een drukke winkelstraat, even niet mee te rennen en het contrast van het stil staan en de beweging om je heen op je in te laten werken.

Want als het tegendeel van de stilte – geluid, beweging, drukte en vertier –  op de achtergrond wordt geplaatst , laat zij zich horen. Soms als een schichtig vogeltje, dan weer als een grote sterke leeuw, soms als een woeste stormwind, dan weer als een zacht lentebriesje, maar hoe dan ook ze komt en iedereen die wil, kan zich aan haar laven.

Onderstaand drie citaten die zo treffend het bovenstaande illustreren.

 

Als zijn muziek uit is, is de stilte die volgt nog steeds Mozart.

Sacha Guitry, een Frans toneelschrijver (1885-1957)

 

Stilte is niet de afwezigheid van geluid, stilte is de diepste klank.

Tao Meng

 

De stilte is de slaap die de wijsheid voedt.

Francis Bacon, engels filosoof en staatsman (1561-1626)

 

Tags: , , ,