Vertel me iets over de liefde

Gisteren zag ik  een shredder op de markt staan die de kerstbomen aan een stuk door vermaalde. De mystiek en de kracht van de bomen met lichtjes is weer voorbij, het is groenafval geworden. Onderstaand een verhaal over de boom, als dank voor zijn schoonheid in de decemberdagen. En omdat liefde misschien het enige is dat ons als mensen redt.

 

Vertel me iets over de liefde

‘Vertel me iets over de liefde,’ vroeg de boom aan een voorbij vliegende vogel terwijl hij niet begrijpend op het liefdespaar neerkeek dat onder aan zijn wortels de liefde bedreef. De vogel wist niets maar wilde de boom niet teleurstellen en vloog naar de mooiste bloem die hij vinden kon, pikte een paar keer tegen de stengel en tsjirpte: ‘Vertel me iets over de liefde.’ De bloem die net haar bladeren had ontvouwd, wist ook niets. Zij vroeg het aan de bij die in haar kelk zat te zoemen. De bij hief zijn kopje, bromde wat onverstaanbaars en vloog weg. Hij bracht de vraag naar de rozenstruik. De rozenstruik, die net haar doornen had geteld, vroeg het snel aan de mier die zojuist omhoog kroop. De mier sjokte verder dacht dat hij het wist maar zijn tong liet hem in de steek toen hij wilde antwoorden. Dus herhaalde hij de woorden van de rozenstruik: ‘Vertel me iets over de liefde,’ fluisterde hij de bladluis toe die toevallig voorbij kwam. Die was flink geïrriteerd door de onderbreking in zijn middagmaal maar nog net op tijd om ‘Vertel me iets over de liefde’ te fluisteren voordat het lieveheersbeestje hem opvrat. Het lieveheersbeestje vloog verzadigd de lucht in, dartelde wat rond, landde op een grasspriet in de zon, spreidde de vleugeltjes, wilde beginnen met nadenken maar besloot het zichzelf eenvoudig te maken. ‘Vertel me iets over de liefde,’ vroeg hij aan de zon die hem opwarmde. De zon scheen fel, overzag het geheel maar wilde zich niet branden aan een antwoord waar niemand op zat te wachten, ze kaatste de vraag terug naar de grasspriet waar het lieveheersbeestje op zat. Maar de grasspriet wist van niets, die ruiste slechts heen en weer in de wind. ‘Vertel me iets over de liefde,’ vroeg het – om de zon niet te ontstemmen – aan de wortels in de aarde. Die vroegen het op hun beurt aan de zwarte aarde, en de aarde gaf de vraag weer door aan de hete lava in het hart van de aarde en die spuwde alle liefde die het had uit in een vulkaan die al jaren lag te slapen, de vulkaan schrok wakker van zoveel geweld en bulderde zijn krachten over de aarde uit, de hete kolkende lavamassa stroomde het land in over de steile berghelling, door de dorpen, over graslanden, het verwoestte bloemen, grassprieten, vogels en lieveheersbeestjes, het kwam uiteindelijk tot stilstand bij het liefdespaar dat net op tijd de boom in was geklommen. De boom die de lava had zien aankomen had zijn wortels stevig in de grond gezet en zich opgericht. Hij wilde het liefdespaar beschermen tegen de dood. ‘Dit is pas liefde’, fluisterden de man en vrouw tegen elkaar in het bladerdak, ‘een boom die ons redt.’

Tags: , , ,